04 okt 2018

Bert Verleysen (3)

Mei ’68 >>> 2018


 

leeftijd: 67 jaar

beroep: gepensioneerd, doctoraatsstudent aan UHasselt

woonplaats: Munsterbilzen

moto: samen uit, samen thuis


Mei '68 ... de wereld verbeteren.

50 jaar later weet ik dat dit een blijvende uitdaging is, en vandaag meer dan ooit!

Indertijd was het met de jongeren, braafjes lokaal samen met enkele anderen zoeken naar mogelijkheden om de jeugd wat anders dan het gewone te bieden. Het werd de Chiro in Munsterbilzen. Het had misschien ook de scouts kunnen geweest zijn; maar samen met de “mannen” van het eerste uur -het waren eigenlijk de oudere misdienaars van die tijd met de kapelaan Jan Philips als stuwende kracht- werd gekozen voor de Chiro. Een mooie tijd, in uniform mee in de processie lopen, samen op bivak gaan, de vergaderingen op de kapelanij, de frietjes –en veel meer- na de vergadering bij Margrietje. Tegen wil en dank geloofden wij erin, ondanks het aloude gezegde , “Wat wilt gij toch in Munster? Dat lukt hier nooit”.
En ondertussen bestaat de Chiro vandaag nog en meer dan ooit! Ik zie in de leiders hetzelfde engagement en dezelfde ambitie als 50 jaar geleden.

Vanuit diezelfde drang voor engagement koos ik toen ook om me op een andere manier te engageren aan de andere kant van de wereld. Door toevallige samenloop van ontmoetingen werd dat Hongkong. Vandaag nog moet ik toegeven, het Oosten, en vooral China blijft me nog steeds boeien. Is het daarom te verwonderen dat ik in contact kwam met Menglei Li, ook kandidaat voor Groen Bilzen bij de komende verkiezingen? Ik herinner me veel beelden van Hongkong, zoals met de jongeren uit de jeugdclub een paar dagen op trektocht op een verlaten eiland, gewoon in de natuur. Facebook heeft me geholpen om terug contact te hebben met enkele van die ‘jongeren’. Maar een van de meest ingrijpende beelden waren, enkele weken voor ik terugkwam, de bootvluchtelingen (1975!), die in Hongkong aankwamen nadat Amerika zich terugtrok uit Vietnam, “welterusten mijnheer de president” van Boudewijn de Groot was toen een van mijn favorieten.

Drie jaar was ik in Hongkong. Ik keerde dan terug naar België om mijn leven, mijn netwerk zoals men dat zo mooi zegt, hier terug op te bouwen. Via een baan als opvoeder in een kindertehuis begin ik stilaan aan een nieuw maatschappelijk engagement. Weer samen met enkele anderen gooiden we ons toen op een fenomeen dat toen opgang maakt: een handelsbeurs, maar geen gewone zoals in elk dorp er wel een werd georganiseerd. Neen Munsterbilzen had zijn tuinders, en dus het werd een heuse tuinbouwbeurs. Eerst heel schuchter in ’t Kabotske, tot we op een bepaald ogenblik de Chirolokalen erachter moesten opendoen om de bezoekers langs achter buiten te laten uit veiligheidsredenen. Daarna werden het de spantenten aan de speeltuin, tot er eentje daags voor de opening omwaaide. Dan kwamen er de constructietenten en de verhuis naar de Taunusweg. In de topjaren ontvingen we rond de 20.000 bezoekers. Heel wat vernieuwingswerken aan ’t Kabotske konden gefinancierd worden dankzij het tuinsalon.

Na tien jaar als opvoeder in dienst geweest te zijn heb ik een 5-tal jaren gewerkt op het kabinet van een Vlaams Minister. Je heel nauw betrokken voelen bij het beleid was gewoonweg boeiend. In 1992 ben ik dan begonnen als assistent-manager bij een transportbedrijf in Genk, de dagelijkse beslommeringen als dispatcher, zorgen dat alles wat verloopt zoals het zou moeten lopen. De grootste uitdaging was de personeelsploeg. Uit die periode heb ik geleerd wat partnerschap betekent. Samen met je chauffeurs, met de leveranciers, met iedereen die erbij betrokken is je verantwoordelijk voelen om goederen van plaats A naar plaats B te brengen, je samen verantwoordelijk voelen voor een fijne reis, voor een veilig thuiskomst van de kinderen na de school. Toen ik later arbeids- en organisatiepsychologie studeerde kreeg ik woorden voor dat partnerschap: samenwerken aan een project en je samen verantwoordelijk voelen voor het verloop én voor het resultaat. Het is een idee dat me niet meer heeft losgelaten.

Ondertussen begon een hobby meer en meer uit de hand te lopen: koken. Uiteindelijk neem ik dan de uitdaging aan om een hotel in Manderfeld nieuw leven in te blazen. Ook hier weer voelde je elke dag dat partnerschap: samen met alle medewerkers je verantwoordelijk voelen voor een fijne vakantie van de gasten. Mooie periode waren de wintertijden, als de sportdienst van Bilzen kwam langlaufen, of als KRC voor ze op winterstage gingen eerst enkele dagen naar Manderfeld kwamen. Alhoewel een heel plezant periode in mijn leven, koos ik er toch voor om dit achter me te laten.

Begonnen in de sociale sector, heel wat jaren gewerkt in de keiharde sector van transport en hotelwezen, nu terug naar de sociale we sector, als jobcoach bij Stebo in Genk. In die periode zag ik heel wat werkzoekenden, met dromen. Soms waren die dromen veraf, soms heel vaag, maar meestal met veel ambitie om de draad terug op te nemen in het leven.

De periode bij Stebo was ook een periode om terug de studie op te pakken. Werken en studeren is een moeilijke combinatie, maar het afstandsonderwijs via Open Universiteit gaf me nieuwe mogelijkheden. In die periode heb ik dikwijls gedacht aan de uitdagingen rond aansluiting tussen onderwijs en arbeid, aan de mogelijkheden voor tweede-kansers die tijdens een loopbaan de kans moeten krijgen voor een diploma. Op zes jaar tijd had ik dan toch mijn diploma van master in de arbeids- en organisatiepsychologie. Met dat diploma op zak, en met heel wat ervaring vanuit mijn werken met groepen ben ik nu bezig aan een doctoraat rond gemeenschapsvorming: wat kan mensen helpen om samen te werken in buurten en wijken? Ja, met de aansluitende stap naar een politiek engagement bij Groen Bilzen.

Na 50 jaar is het engagement om in de samenleving die steen te verleggen nog niet weg. Het  jeugdig dromen is gebleven, maar nu met wat meer levenservaring, met wat meer inzichten, maar vooral met de wijsheid dat wij die steen samen moeten en kunnen verleggen, voor de toekomst van onze kleinkinderen.