01 jun 2019

Gönül Atas (22)

Samen staan we aan de vooravond van een ommekeer en vormen we een dam tegen het heersende cynisme. Ook uw stem kan het begin van een nieuwe politieke cultuur in Bilzen betekenen.


Mijn studies: Na 5 jaar hoger kunstonderwijs aan de voormalige PHL gevolgd te hebben, heb ik besloten
de deuren van dit verhaal achter me dicht te trekken. Later ben ik afgestudeerd als verpleegkundige aan de UCLL en heden ben ik psycholoog in opleiding aan de KUL.

Ik combineer mijn studies als lid van het Mindmatesteam, een project met als doel de toegankelijkheid tot geestelijke gezondheidszorg te vergroten en studenten een luisterend oor te bieden.

Ondanks deze studiegeschiedenis beschouw ik mijn persoonlijke traject allesbehalve in termen van succes. Ook ik behoor tot een generatie die initieel moeilijk aansluiting kon vinden tot het hoger onderwijs en weet ik hoe vermoeiend het is om geloofwaardigheid op te bouwen.

Ik denk dat het hoog tijd is om te stoppen met mensen te beoordelen op basis van hun eigen verdienste, hun merite, daar niet alle kansen gelijk verdeeld zijn. Zonder schroom stel ik vast dat het veel interessanter is om te werken vanuit de mislukkingen.

Groen en ik: Ik geloof er sterk in dat het engagement voor het welzijn van de individu hand in hand moet gaan met het streven naar een gezondere leefmilieu en samenleving.

Misschien had ik gewenst dat een partij als ‘Groen’ nooit had hoeven te bestaan. Het feit dat anno 2019 nog een politieke organisatie als Groen met, de volgens sommige achterhaalde flowerpower begrippen als ‘ecologisme, sociale rechtvaardigheid, gelijkheid,tolerantie en pacifisme’ voor de dag moet komen, toont aan dat we lang nog niet ‘de meest superieure manier van leven’ hebben bereikt.

Dit in een tijdperk waar we de mond vol hebben van de verlichtingsidealen. 

Groen maakt zich niet altijd even populair door duurzame principes te verdedigen die los staan van de door de markt gedicteerde doctrines. Groen durft vragen te stellen naar wat ons kwaliteit brengt in het leven. Wij kiezen voor een bottom-up benadering dewelke burgerparticipatie mogelijk maakt, een beleid waarin de burger centraal staat. 

Solidariteit is de hoeksteen van iedere beschaving: een Groene bewind kan niet los staan van een sociaal hart. Ik denk dat het hoog tijd is om de dragende handen binnen de samenleving te ondersteunen.

Efficiënte buurtwerking is een voorwaarde opdat samen-leven mogelijk wordt, waar ik vaststel dat dit in sommige kwetsbare buurten van Bilzen geheel ontbreekt of niet naar behoren functioneert. Dit veronderstelt ook een beleid dat vrijwilligers en mantelzorgers mogelijk maakt zich te organiseren. 

Straathoekwerkers of maatschappelijke werkers zijn onmisbaar in dit verhaal om kwetsbare groepen te begeleiden.

Ook Bilzen blijkt niet immuun geweest te zijn voor de multiculturele samenleving. Bilzen is niet meer dezelfde gemeente waar mijn grootvader in 1974 neer is gestreken en de populatie is zienderogen steeds diverser geworden.

Nieuwe vragen hebben zich aangediend: hoe gaan we met diversiteit om, hoe kunnen we de vooroordelen langs beide kanten reduceren? Het is immer verleidelijk om zich te begeven aan eenzijdige retoriek als antwoord op complexe samenlevingsvraagstukken. 

Ik denk dat een waarachtig diversiteitsbeleid een basisvoorwaarde betekent voor een ware inclusieve samenleving opdat dialoog mogelijk word.

En tenslotte: “Alleen door gevoelig te zijn voor onrecht en ongeluk vinden we een duurzame vorm van geluk, in de vorm van betekenis en zorg” (Dirk De Wachter)